Uberpop

Het was zaterdagavond en ik werd gebeld door een eigenares met een benauwd konijn. “Komt u maar langs, over een kwartier”, zei ik. “Nou”, antwoordde ze, “dat zal moeilijk gaan, want ik heb geen auto. Ik moet met de bus komen. Door mijn eigen dierenarts word ik naar Amsterdam gestuurd, maar daar kan ik met het openbaar vervoer al helemaal niet naar toe. Voor zover mijn konijn dat űberhaupt overleefd”. Ik sprak af dat ze weer zou bellen als ze in de bus naar Hillegom zat, dan wist ik ongeveer hoe laat ik op de praktijk moest zijn. Zo kon ik nog even de samenvatting van Ajax zien en hoefde ik niet eindeloos op de kliniek te gaan wachten. Drie kwartier later werd ik weer gebeld dat ze in de bus zat en uiteindelijk kwamen we bijna tegelijkertijd op de praktijk aan! Haar konijn Popje zat heel snel te ademen. Ik vroeg hoe het was gekomen en hoe snel het was ontstaan. Uit haar antwoorden maakte ik op dat Popje een dag eerder nog helemaal oké was. Ze had op zaterdagochtend wat prei gekregen dat over was van het eten van de dag ervoor. Ik startte meteen een lichamelijk onderzoek en merkte dat haar lichaamstemperatuur slechts 34.5 ͦC was. Popjes buik was enorm opgezet: een gasbuik! Ook kon ik geen enkel darmgeluid horen in de buik. Ze ademde zo snel van de pijn en de shock, maar niet vanwege een primair luchtwegprobleem. We hadden net een nascholing gehad waarbij we hadden geleerd hoe je een maagje kunt sonderen ( = leeghevelen ) dus dat kwam goed van pas. De eigenares ging even in de wachtkamer zitten en ik ging met Popje naar achteren. Couveuse aan, warmtematje erin, een infuusje gegeven, verdovinkje toegediend en toen met een slangetje door de slokdarm naar de maag. Het was fantastisch! Vaak lukt dat niet, maar nu kwam er eerst veel gas, toen schuim, daarna wat drab en tot slot veel vocht. De buik werd helemaal slap en Popje knapte er zienderogen van op. Via het infuus gaf ik nog de medicatie en maakte ik haar wakker. Ze was klaar voor een nachtje in de intensive care. De eigenares haalde ik erbij en de tranen liepen over haar wangen. “Ik heb helemaal niemand meer, Popje is alles wat ik nog heb. Ze moet het overleven!” Ik keek haar aan en zag haar grote verdriet. “Weet u wat. ik breng u wel naar huis; dan hoeft u niet me de bus terug.” Ik moest toch haar richting uit. Ze stapte bij me in de Golf en legde uit hoe we naar Nieuw Vennep moesten. Bij haar huis stopte ik, ze keek me aan, legde een hand op mijn knie en vroeg: “Wil je nog even mee naar binnen komen om wat te drinken?” Nou kreeg ik ademhalingsproblemen. Ik stotterde dat ik weer snel terug naar Popje moest. Gelukkig drong ze niet aan. Een dag later was haar konijn geheel hersteld! Vorig weekend heb ik een echtpaar naar huis gebracht. Dat was toch veiliger.